Sarphatistraat 47
Dit was voor de oorlog de Amsterdamse Bank. In de oorlog maakte de bezetter er een namaak-filiaal van van de bank Lippman-Rosenthal, die een heel goede naam had onder de Joodse bevolking. Dat betekent dat deze bank te vertrouwen was. Hier moesten alle Joodse gelden en effecten worden ondergebracht in augustus 1941 en alles van waarde van gedeporteerde Joden werd hier ook gedeponeerd.
De Joodse scholen die door de Duitsers werden ingesteld werden vanuit deze bank betaald, alsmede de Joodse Raad, Doorgangskamp Westerbork, Kamp Vught en de premie die men kreeg voor het verraden van ondergedoken Joden. Deze bank beheerde aan het eind van de oorlog ca. fl 400.000.000,-- Joods vermogen. 